Arp Schnitger (1704, I/p/10)
Het orgel in Eenum is in 1704 gebouwd door Arp Schnitger (1648-1719), orgelmaker te Hamburg, in opdracht van Reindt Alberda. Oorspronkelijk had het een manuaal met 10 registers en geen pedaal. Aan het eind van de 19e eeuw bracht H.H. Freytag een pedaal aan. Omstreeks 1845 verving Van Oeckelen enig pijpwerk. Daarbij verdwenen 3 registers van Schnitger. In 1891 voerde Jan Doornbos op vrij ruwe manier een reparatie uit.
De kerk van Eenum is in 1973 aan de Stichting Oude Groninger Kerken overgedragen. Bij de kerkrestauratie (1975-1976) ontbraken de gelden voor orgelherstel. Deze werden in 1982 en de volgende jaren gevonden zodat restauratie door onze orgelmakerij in 1983-1987 kon volgen. Drie nieuwe registers zijn vervaardigd. Windlade, mechaniek en klaviatuur zijn naar toestand van 1809 herteld, met inbegrip van het kort octaaf. Op 13 december 1987 is het orgel weer in gebruik genomen. Adviseur bij de restauratie was Stef Tuinstra.
Arp Schnitger (1704, I/p/12)
In 1987 hebben wij het orgel van de Pancratiuskerk (Hervormde Kerk) in Godlinze gerestaureerd. Hierbij is de situatie van 1785 hersteld. Op 13 december 1987 werd het orgel weer in gebruik genomen.
Schnitger/Timpe/Van Oeckelen (1702/1831/1857, III/P/40)
In 1977 hebben wij het orgel uit de kerk verwijderd voor een grote restauratie van het gebouw. In 1989/1990 hebben wij het orgel weer in de kerk geplaatst. Hierbij werden de windladen gerestaureerd, de pneumatische windladen verwijderd, de balgen en de kas opgeknapt, en de mechaniek gerenoveerd. Enkele registers werden verwijderd. Op 8 juni 1990 nam men het orgel weer in gebruik tijdens een speciale bijeenkomst met Harald Vogel en Stef Tuinstra als organisten.
In 1997 werd de tweede fase van de restauratie ingezet. Deze is eind 1999 afgerond. De huidige klaviatuur is nog altijd van Van Oeckelen. De plannen die er zijn voor een reconstructie-achtige restauratie hebben veel stof doen opwaaien. Na een gerechtelijke uitspraak is eind 2002 besloten het orgel zonder reconstructie weer op te bouwen in de kerk. Uiteindelijk hebben de werkzaamheden tot 2011 geduurd. Met een speciaal festival met de naam 'Schnitgers Droom', dat duur van 14 tot 29 oktober 2011, is het orgel weer in gebruik genomen. Het officiële heringebruiknemingsconcert werd op 14 oktober 2011 gegeven door Peter Westerbrink.
Anthonie Verbeeck (1627, II/p/19)
De bouwer van het oorspronkelijke instrument uit 1627 is niet bekend, maar vermoedelijk was het Anthony Verbeeck. In 1692/1693 is het orgel uitgebreid met een nieuw rugpositief door Arp Schnitger. Ook de rest van het binnenwerk werd grotendeels vernieuwd. Schnitger maakte in 1712 nieuwe windladen, en hief het kort octaaf op. In 1773 voerde Hinsz een uitbreiding uit. Het front werd aangepast. Het orgel werd tevens verplaatst van het midden van de kerk naar de westmuur. Hinsz had het al sinds 1735 in onderhoud. In de negentiende en twintigste eeuw werden wel reparaties uitgevoerd, o.a. door Schnitger jr., Freytag, Van Oeckelen en Doornbos. Maar er werd niet veel gewijzigd. Wel heeft Van Oeckelen nieuwe frontpijpen geplaatst. Ook verving hij de vulstemmen van het hoofdwerk door romantische stemmen. In het begin van de twintigste eeuw dreigde het orgel gesloopt te worden, maar dat is door organist Carel Opten tegengehouden. In 1931 verving Doornbos de Octaaf 2' door een Voix Celeste 8', en de Dulciaan door een Clarinet. In 1993 is het instrument door Bakker & Timmenga gerestaureerd, waarbij de dispositie van 1774 is hersteld. De Salicionaal van Van Oeckelen werd vervangen door een Mixtuur. Ook de vulstemmen van het Rugwerk werden gereconstueerd. Adviseurs bij de werkzaamheden waren Aart van Beek en Onno Wiersma.
Dit orgel is bij ons in regulier onderhoud.
Arp Schnitger (1696, I/9)
In 2019 hebben wij werkzaamheden verricht aan het orgel in de Dorpskerk in Harkstede.
In 2022 zijn wij gestart met de restauratie van het orgel. Van Schnitger zijn nog vijf volledige registers aanwezig. Onder advies van Hans Fidom is besloten het orgel te reconstrueren met nieuw pijpwerk, en zonder windmotor, geheel zoals het oorspronkelijk is geweest. Als voorbeeld wordt gebruik gemaakt van het Richborn-orgel in La Orotava op Tenerife.
Het orgel van Eertman (in 1907 maakte hij een nieuw orgel in de bestaande kas, met behoud van delen van het oude pijpwerk) wordt dan los van het front gemaakt in een eigen kas, en wordt gerestaureerd naar de toestand van 1907. Hierna zullen er dus twee orgels in de kerk staan: een reconstructie van het Schnitger-orgel met de originele frontpijpen, en het orgel van Eertman met vier binnenregisters van Schnitger. Er zijn drie orgelmakers betrokken bij het uitvoeren van de werkzaamheden.
https://groningerkerken.wordpress.com/2022/06/08/restauratie-met-een-bijzonder-verhaal/




